Ik ben vandaag niet uit mijn huis geweest wegens grieperig inwendig en miezerig uitwendig. Ter compensatie diepte ik nog eens de brief op die Sydney Smith (1772-1845) schreef aan lady Georgiana Morpeth. Geen liefdesbrief. Die lees ik al niet meer sinds ik van straat ben. Maar wel een interessante, hilarische en verwerpelijke synopsis met gouden regels tegen zwaarmoedigheid. Zo komt een atrabiel mens als ik de dag door: de eigen situatie vergelijken met die van anderen die leefden in een periode toen de dieren nog spraken.
Leef zo goed als je durft.
Neem een douche met een watertemperatuur die je een lichte sensatie van kou geeft (24-27°C).
Lees onderhoudende boeken.
Kijk niet te ver vooruit: hoogstens tot de thee of het avondeten.
Doe zo veel mogelijk.
Ga vooral om met vrienden die je respecteren en mogen.
En met kennissen die je amuseren.
Hou je neerslachtigheid niet voor jezelf, maar praat er openlijk over met je vrienden.
Geef je over aan de uitwerking die thee en koffie op je hebben.
Verwacht niet te veel van het leven - het bestaan is een treurige aangelegenheid.
Negeer poëzie, toneel (behalve komedies), muziek, serieuze romans, melancholische mensen en alles wat gevoelens of emoties oproept die niet tot actieve weldadigheid leiden.
Wees goed voor anderen en probeer zo veel mogelijk mensen gelukkig te maken.
Breng zo veel mogelijk tijd in de frisse lucht door zonder je in te spannen.
Richt de kamers waarin je je bevindt, vrolijk en aangenaam in.
Blijf vechten tegen ledigheid.
Wees niet te streng voor jezelf, onderschat jezelf niet en wees altijd eerlijk.
Zorg ervoor dat het haardvuur altijd brandt.
Wees standvastig en volhardend in de rationele uitoefening van je geloof.


