Dingen die het leven draaglijk houden, zijn die er dan in een annus horribilis? Ik ben nogal kieskeurig in de dingen des levens, een handicap die het er niet makkelijker op maakt. De domheid, lompheid en schijnheiligheid van co-habitanten in de nabije en wijdere omgeving werkt soms verdovend, soms verzwerend. Verzweren is een woord dat ik altijd een zwaar belastende en negatieve betekenis heb toegedicht. Etterende dikke tenen waren meermaals mijn deel, waarna ik ontelbare avonden met mijn voeten in heet water sleet, water dat er troebel uitzag door de aanwezigheid van desinfecterende tabletten met een onuitspreekbare naam.
Lezen en lopen gaan de infectie momentaan tegen, maar een afdoende geneeskrachtige werking hebben ze uiteindelijk niet. Ze hebben me afreus pijn gedaan, een salvo van gifpijlen zoefde onaangekondigd langs achter binnen, dwars door de rug, niet gehinderd door de ribben en langs het hart weer naar buiten. Sinds dat moment tocht het in mijn hart en tegelijk is de hartstocht verdwenen. Sloten troost bieden boeken met overgewicht omdat ik er ongemerkt en veilig kan in wegduiken, ergens onder het deken van pakweg pagina drie- of vierhonderd. Het lopen in een zee van jong en oud en dik en dun en mannelijk en vrouwelijk zorgt voor een gelijkaardige roes die duurt tot ver na de finishlijn, zelfs tot na de douche die proeft naar zilt lichaamszout.
Ik doe mezelf pijn om die van anderen niet te moeten voelen.

Laatste reacties